Stationskwartier Dijk en Waard: inspiratie voor heel Nederland

In het Stationskwartier Dijk en Waard komt alles samen: de bereikbaarheid krijgt voorrang, woningen worden in rap tempo gebouwd, de openbare ruimte wordt groener en klimaatadaptief, er wordt duurzame energie opgewekt, mobiliteit krijgt een andere vorm, het openbaar vervoer verbetert en stedelijke voorzieningen worden toegevoegd. Deze stroomversnelling aan ontwikkelingen wekt de interesse van andere overheden, bouwers en ontwikkelaars uit heel Nederland.

Op 27 januari kwamen ruim 90 deelnemers voor inspiratie naar het seminar “Verstedelijking rond middelgrote stations: van plan naar realisatie” in Heer Hugo in Heerhugowaard. Een van de sprekers was Errik Buursink van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening. Hij schreef de Nota Ruimte 2025 en vertelde dat ontwikkelingen rondom een station zowel de stad als het dorp kunnen versterken. “Samenwerking tussen overheid en markt is hierin cruciaal. Een gezamenlijke ontwikkelstrategie is nodig om de maatschappelijke en verduurzamingsopgaven op te lossen.”

Presentaties over de ontwikkelingen in provincie Limburg, Regio Zwolle en Stationskwartier Dijk en Waard gaven praktijkvoorbeelden van deze samenwerkingen in het land. 

Woningbouw bij stations

Tijdens de bijeenkomst liet Remko Slavenburg van KuiperCompagnons zien welke mogelijkheden er zijn rondom stations voor woningbouw. “Er zijn diverse maatschappelijke opgaven die vragen om woningbouw rondom stations. Niet alleen de grotere stations in steden, want daar is vaak al geen ruimte meer. Maar juist de middelgrote stations, zoals in Dijk en Waard. Er is namelijk weinig doorstroming op de huizenmarkt. Je ziet senioren wonen in een huis waar ze vroeger met hun gezin woonden. We spreken dan van leegloop in dorpen: niet zozeer leegstand, maar minder mensen in een woning. Dit zet druk op de voorzieningen in dorpen. Wonen nabij het eigen dorp, in de buurt van een station en andere faciliteiten, kan voor senioren een aantrekkelijke en passende woonoplossing zijn. En geeft ook starters een kans op een eengezinswoning.”

Provincie Limburg

Provincie Limburg en de Limburgse gemeenten Heerlen, Maastricht, Roermond, Sittard-Geleen, Weert en Venlo hebben samen de propositie ‘Limburg Centraal’ geschreven. Het plan richt zich op de ontwikkeling van één grootschalige woningbouwlocatie, opgebouwd uit de gebieden rondom zes intercitystations.
Tijdens de bijeenkomst lichtte Mathea Severijns van Provincie Limburg toe hoe deze samenwerking tot stand kwam. De economische ontwikkelingen in Eindhoven vormde één van de aanleidingen. Severijns: “We wilden Limburg weer duidelijk op de kaart zetten bij het Rijk. De provincie kon daarin een rol vervullen namens de gemeenten. Uitgangspunten waren: ontwikkellocaties op de stations, samenwerken als overheden, elkaar weten te inspireren. We zien dat visie en praktijk hand in hand gaan. Niet alleen is het doel 35.000 woningen toe te voegen, maar ook meerwaarde te creëren voor de openbare ruimte, maatschappelijke voorzieningen en werkgelegenheid.”

Regio Zwolle

In de Regio Zwolle vindt een vergelijkbare ontwikkeling plaats. Regio Zwolle werkt aan gezamenlijke stations strategie tot 2040. Robert Leverman, programmamanager stationsomgevingen, presenteerde namens de samenwerkende overheden hoe de regio werkt aan een ontwikkelstrategie tot 2040. Regio Zwolle is aangewezen als NOVEX-gebied, waardoor vier provincies, vier waterschappen en meerdere (vaak kleinere) gemeenten nauw samenwerken aan een gezamenlijke koers.
Leverman lichtte toe dat vooral het proces van keuzes maken uitdagend is: “Ambities opstellen – dat is niet zo moeilijk. Samen keuzes maken wel. Niet iedereen wil wonen bij een station, maar een stationontwikkeling heeft wel effect op de regio. De belangrijkste vraag is hoe we Zwolle zo intensiveren dat de dagelijkse behoeften worden voorzien in ‘de dorpskern’.” 

Dijk en Waard: bouwen in de praktijk

Waar in Limburg en de Regio Zwolle nog volop plannen worden ontwikkeld, wordt in Dijk en Waard al daadwerkelijk gebouwd. Het Stationskwartier Dijk en Waard werd tijdens de bijeenkomst gepresenteerd als inspirerend praktijkvoorbeeld.  Sebastiaan van Zoelen (De Geus Bouw en Ontwikkeling) en Martijn Niehof (KuiperCompagnons) vertelden hoe de eerste ideeën al in 2011 ontstonden. Volgens Niehof was het stationsgebied van Heerhugowaard destijds een plek met weinig uitstraling, maar dat veranderde met de komst van het imposante gebouw van het Hoogheemraadschap, een echte blikvanger, gevolgd door het Oogcentrum met een opvallende architectuur. Niehof: “Heerhugowaard had gedurfde projecten, zoals Stad van de Zon, op haar naam staan. Toch leek er nog vraag naar transformatie van het stationsgebied.” Een belangrijke reden hiervoor was de koerswijziging van toenmalig minister Stef Blok die stelde dat ‘ruimtelijke ordening niet meer nodig was, dat Nederland klaar was’. Dit beperkte de rol van de overheid in ruimtelijke ordening. Niehof: “Op dat moment had niemand voorzien dat er nog veel bevolkingsgroei zou komen. Nu ziet de wereld er heel anders uit.”

Spooronderdoorgang als motor

Voormalig gemeente Heerhugowaard zag een grote opgave om de spooroverweg en twee risicovolle kruispunten op te lossen. Een nieuwe spooronderdoorgang zou de potentie voor woningbouw en nieuwe voorzieningen kunnen versnellen. Een nieuwe spooronderdoorgang bood niet alleen een verkeersveilige oplossing, maar kon ook de ontwikkeling van nieuwe woningen en voorzieningen versnellen.
KuiperCompagnons werd gevraagd een ontwikkelstrategie op te stellen. Volgens Niehof was de centrale vraag hoe het gebied een stap verder gebracht kon worden. “Uitnodigingsplanologie en ‘just do it’ waren de insteek. Een plan dat meebeweegt met de ontwikkelingen in het gebied. Door samen te werken hebben we de puzzel kunnen leggen.”
Al snel werd duidelijk dat drie pijlers noodzakelijk waren:

  • Verdichting – door hoogbouw mogelijk te maken
  • Vergroenen – meer kwaliteit in de openbare ruimte binnen beperkte ruimte
  • Verbinden – betere wegen, meer fietsroutes en een logischere gebiedsstructuur.

Van kopjes koffie tot koplopers

Netwerken en veel gesprekken – “het kostte heel wat kopjes koffie met gevulde koek” – gaven samen met de fusie naar de gemeente Dijk en Waard een duidelijke impuls aan de ontwikkeling van het stationsgebied. Steeds meer projectontwikkelaars zagen kansen en kochten vastgoed op, nadat pioniers De Geus en Henselmans begonnen met bouwen in het Stationskwartier. Een belangrijke versneller was de aanleg van fietsbrug De Krul over de N242 die een sterke verbinding legt tussen stad en land.
Van Zoelen vertelde hierover: “In het begin dachten we: wie gaat hier nu fietsen, maar moet je nu eens kijken! Het is de drukste fietsroute tussen voormalig Langedijk en Heerhugowaard.” Dat komt ook doordat de fietstunnel onder de N242 tijdelijk geen doorgang geeft tot Heerhugowaard door de bouw van de spooronderdoorgang.

Duurzame doeners en makers

In de komende jaren komen er ruim 1300 woningen bij, waardoor het gebied verandert in een levendig stedelijk woonmilieu. Er wordt geëxperimenteerd met minder ruimte voor de auto, meer stimuleren van fietsen, wandelen, openbaar vervoer en deelmobiliteit. Martijn Niehof vertelde: “Toen we eenmaal van start waren, kwamen er steeds meer initiatiefnemers. De corporaties wilden sociale huur toevoegen. Ondernemers en horeca zagen mogelijkheden voor voorzieningen in de nieuwe stadswijk. Ook recreatief en landschappelijk wordt veel geïnvesteerd.” 
De verbinding tussen Stadshart en Stationskwartier wordt versterkt door:

  • klimaatadaptief vergroenen,
  • snellere en veiligere fietsroutes,
  • en de nabijheid van het Kanaalpark en het unieke Oosterdelgebied.

Daarnaast is er een Duurzame Ring gerealiseerd: een lokaal warmte koudenet dat het gebied energiezuinig verwarmt en koelt. De gemeente heeft een starterslening geïntroduceerd waardoor veel jongeren een huis kunnen kopen. Ook de economische dynamiek groeit. Het Oogcentrum werkt aan een tweede locatie en de MBO campus nabij het station breidt zich snel uit. Niehof: “Je ziet hier echt de energie van duurzame doeners en makers in de praktijk.”

Mobiliteit als sleutel tot succesvolle groei

APPM onderzocht de mogelijkheden voor de ontwikkeling van een OV knoop Dijk en Waard. De woningbouwopgave is één maar dan komt ook de mobiliteitstransitie om de hoek kijken: hoe zorg je ervoor dat het openbaar vervoer optimaal wordt benut? Volgens Odette Zwinkels (NS Stations) ligt een belangrijk deel van de oplossing in de zogenoemde ‘tegenspits’: “Vaak zijn treintrajecten in één richting overvol, maar is er voldoende ruimte in de treinen in tegengestelde richting. Belangrijke oplossing hierin zijn OV-knooppunten verdeeld over het land.” 
Bureau Stationbouwmeester beaamt dat ‘het station onderdeel is van de omgeving, de openbare ruimte en de stad’. Zwinkels lichtte toe waarom nabijheid van het station zo cruciaal is: “Onderzoek wijst uit dat mensen die naast of op loopafstand van een station wonen twee keer zo vaak met de trein reizen als mensen die verder weg wonen. De bestemming moet wel bereikbaar zijn: werk, onderwijs en gezondheidszorg zijn belangrijke bestemmingen voor treinreizigers. Daarom is het belangrijk dat voorzieningen en economische ontwikkelingen meebewegen in de groei van de woningbouw. De woonplek zelf moet voorzien in de dagelijkse behoeften. Niet alleen het station moet goed bereikbaar zijn, maar ook de dagelijkse voorzieningen moeten op loop- of fietsafstand van de woning liggen. Die nabijheid is heel belangrijk! De strategie voor de toekomst zou moeten zijn dat wonen en werken in één gebied bij elkaar komen.”